Mijn Genetische Stamboom

Afstamming van vaderszijde (Y-Chromosoom Analyse)

 

Uitslag voor:  Bert de Friest Macnamara    Relative Genetics Laboratorium

Datum: 24 feb 2002

 

Locus  1   2   3   4   5   6   7   8   9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26

Waarde 11 15 12 13 29 25 11 13 13 14 12 15 12 12 26 11 11 11 12 11 09 14 24 12 19 23

 

Locus    27   28   29   30   31   32   33   34   35   36   37   38   39   40   41   42   43

Waarde  14   17   12   12   13   19   30   30   15   19   09   10   25   15   15   16   17

 

Merktekensleutel (1 – 26)

 

1) DYS385a   2) DYS385b 3) DYS388   4) DYS389I 5) DYS389II 6) DYS390

7) DYS391     8) DYS392   9) DYS393 10) DYS19   11) DYS426  12) DYS437   

13) DYS438 14) DYS439 15) DYS447 16) DYS454 17) DYS455  18) DYS460

19) DYS461 20) DYS462 21) GGAAT1B07  22) GATAA10  23) DYS635

24) GATAH4.1 25) YCAIIa 26) YCAIIb

 

Merktekensleutel (27-43, toegevoegd in september 2004)

 

27) DYS441  31) DYS446  35) DYS456   39) DYS463   43) DYS464d

28) DYS442  32) DYS448  36) DYS458   40) DYS464a

29) DYS444  33) DYS449  37) DYS459a 41) DYS464b

30) DYS445  34) DYS452  38) DYS459b 42) DYS464c

 

Aantekeningen bij de merktekensleutel

 

  1) DYS385a – de waarde, oorspronkelijk B, werd tot 11.

  2) DYS385b – de waarde, oorspronkelijk F, werd tot 15.  

  4) DYS389i – de waarde, oorspronkelijk 12, werd tot 13.

10) DYS19    – was vroeger als DYS394 bekend.

15) DYS447  – deze locus was niet één van de oorspronkelijke 26, maar pas later werd bijgevoegd.

19) DYS461  – de waarde, oorspronkelijk 11, werd in jun 2004 tot 12 verhoogd.

23) DYS635  – tot juni 2004 was deze locus als YGATAC4 bekend.

24) YGATAH4 – de waarde, oorspronkelijk 27, werd tot 12; sinds 2004 wordt als TAGA H4 bekend.

25) YCAIIa  – de waarde, oorspronkelijk D, werd tot 19.

26) YCAIIb  – de waarde, oorspronkelijk H, werd tot 23.

 

Postscriptum: sinds dec 2007 zijn zes warden door de laboratoria gewijzigd, zo als hieronder weergegeven:

27) 441 - oorspronkelijk 13, werd verhoogd tot 14.

28) 442 – oorspronkelijk 12, werd verhoogd tot 17.

34) 452 - oorspronkelijk 11, werd verhoogd tot 30.

39) 463 - oorspronkelijk 23, werd verhoogd tot 25.

12) GATA-A10 – oorspronkelijk 12, werd verhoogd tot 14.

24) GATA-H4.1 - tot 2004 was deze locus als YGATAH4 bekend; daarna, tot dec 2007, was hij als TAGA H4 bekend; zijn waarde - eerst 27 - werd later tot 12 teruggebracht, en in dec 2007 tot 22 verhoogd; in 2009 werd deze locus GATAH4 hernoemd, en zijn waarde met 10 teruggebracht, dus, in mijn geval, tot 12.

 

Overzicht

 

Dit verslag stelt mijn Afstammingsherkenningsteken van vaderszijde (Paternal Ancestry Signature) voor, zoals die te voorschijn kwam door het analyseren van 26 (later, 43) verschillende plekken op mijn Y-chromosoom. Het boeiendst van het Afstammingsherkenningsteken van vaderszijde is dat het mij niet identificeert op zich als individu, maar identificeert wel mijn afstamming van vaderszijde terug in de geschiedenis tot voor de eerste woorden geschreven werden, want de Y-chromosoom wordt geheel doorgegeven door vader aan zoon door vele geslachten heen. Het Afstammingsherkenningsteken van vaderszijde bevat 26 (later, 43) verschillende gegevensplekken (loci genoemd) die onderzocht worden om het aantal herhalingen op iedere gegeven locus te bepalen. Deze herhalingen worden KTH (Korte Tandem Herhalingen) genoemd.

Gebruikmaken van de onderzoeksuitslag

 

De ruwe cijfers beginnen betekenis voor het stamboomonderzoek aan te nemen wanneer de uitslag vergeleken wordt met die van andere mensen en van gehele bevolkingen. Mijn volledige Afstammingsherkenningsteken van vaderszijde is gelijk een familievingerafdruk die mijn mannelijke bloedverwanten van vaderszijde herkent en identificeert, dat is, diegenen die met mij een gemeenschappelijke voorvader in de rechte mannelijke lijn hebben (mijn vader’s vader’s vader’s vader, bijvoorbeeld). Alle andere voorouders spelen helemaal geen rol  in het doorgeven van de Y-chromosoom van het ene geslacht tot het andere, dus deze onderzoekuitslag heeft uberhaupt niks met hen te maken. Ook als mijn afkomst van vaderszijde 99 procent Nederlands was, zou dat door de Y-chromosoomonderzoeksuitslag niet te voorschijn komen, want de Y-chromosoomonderzoeksuitslag toont alleen afstamming van de achternaamlijn Macnamara aan, en die lijn is Iers. Hopelijk zal deze onderzoeksuitslag in de toekomst met die van velen anderen vergeleken worden. Als de waarden van mijn Y-chromosoomloci zullen met die van de Y-chromosoonloci van een andere volkomen overeenkomen, dan zal dat bewijzen dat wij met z’n tweeen inderdaad verwant met elkaar zijn als afstammelingen in de rechte mannelijke lijn van een gemeenschappelijke voorouder binnen circa acht geslachten als men telt van mijn geslacht terug in de tijd, en dat wij ook de zelfde achternaam zouden moeten dragen (rekening houdende met het feit dat “niet-vaderschappelijke gebeurtenissen” - zoals overspel, adoptie – de achternaam van iedereen zouden kunnen beinvloeden, zodat sommige echte Macnamara’s een andere achternaam zouden dragen terwijl anderen die de achternaam Macnamara wel dragen inderdaad van een niet-Macnamara voorvader zouden afstammen, ofwel van een vrouwelijke Macnamara afstammen, en dus een helemaal andere haplotype zouden tonen dan verwacht: vandaar de noodzaak om mijn uitslag met zo veel mogelijk andere monsters te doen vergelijken. Ook als de waarden van de twee mannen voor een of zelfs twee van de loci niet overeenkomen (een mutatie), dat zou een bloedverwantschap toch aanwijzen, en dus afstamming van een gemeenschappelijke voorvader, maar waarschijnlijk dan verder terug in het verleden: acht of meer geslachten terug in de tijd. (Het aantal geslachten is niet scherp bepaald, maar op waarschijnlijkheden gebaseerd, want men weet nog steeds niet precies hoe vaak of zelden in de loop der tijd een mutatie plaats vindt). Een onderdeel van mijn DNZ - zes van de 24 loci – wordt gebruikt om het werelddeel te bepalen waar mijn voorvaderen in rechte mannelijke lijn oorspronkelijk vandaan kwamen. In Europa bestaan er drie hoofdhaplogroepen: HG1, HG2, HG3. Een haplogroep is een verzameling van nauw verwante haploidcelgenotypen (haplotypes). De Y-chromosoom van ongeveer 90% van Ierse mannen overeenkomt met de Atlantische Modaale Haplotype (AMH) van Haplogroep 1 (HG1), met een enige mutatie in welke dan ook richting toegestaan, wat bekend wordt als HG1.15. De 1.15 haplotypes in het algemeen worden genoemd de Atlantische Modale Groep of AMG. De Atlantische Modale Haplotype komt het meest voor aan de Atlantische kust van Europa en op bijzondere wijze zou Keltische (Schotse, Welsch, Ierse) afkomst aanwijzen. De uitslag van mijn Y-chromosoomonderzoek overeenkomt met de AMH met uitzondering van een enige mutatie op locus DYS390 (waar ik 25 heb in plaats van 24). En die waarde 25 voor DYS390 komt vaker voor met name bij Ierse haplotypes. Dus, de uitslag van het onderzoek bevestigt de Ierse afkomst van mijn achternaamlijn. En gezien dat de achternaam Macnamara precies in het westen van Ierland ontstond, ’t is te verwachten dat een man die deze achternaam draagt of zou moeten dragen hoogstwaarschijnlijk tot de HG1 zou toebehoren, en dat zijn haplotype binnen de AMC zich zou bevinden.

Loci voor de Atlantische Modale Haplotype

 

Naam van locus  DYS394  Standaard waarde 14  Mijn waarde 14

Naam van locus  DYS391  Standaard waarde 11  Mijn waarde 11

Naam van locus  DYS388  Standaard waarde 12  Mijn waarde 12

Naam van locus  DYS392  Standaard waarde 13  Mijn waarde 13

Naam van locus  DYS390  Standaard waarde 24  Mijn waarde 25

Naam van locus  DYS393  Standaard waarde 13  Mijn waarde 13

 

  

 

                                                                         

NoordwestEuropa

 

Gebied waar de zog. Atlantische Modale Haplotype het meest voor komt

 

De Atlantische Modale Haplotype (AMH) van Haplogroep 1 komt het meest in west Europa voor. Je meer westwaarts, des te hoger de procent van de mannelijke bevolking toebehorend tot HG1. Deze procent neemt af als men oostwaarts en noordwaarts gaat. Naar ruwe schatting behoort 90% van de mannenchromosomen in Ierland (bijz. in het westen des lands in het zogenaamde Gaeltacht) tot de HG1, zoals ook 90% in Wales, 90% in het Baskenland, 63% in Belgie, 56% in Friesland, 40% in Duitsland, 25% in Noorwegen (nota bene: oostwaarts en noordwaarts neemt de procent af). In Ierland en Wales, waar 90% van de Y-chromosomen tot HG1 toebehoren, behoort het merendeel van de rest tot de HG2. Wereldwijd zijn er ongeveer 30 miljoen mannen van Ierse afkomst.

 

Voor meer inlichtingen over genetisch stamboomonderzoek zie deze links:

 

http://www.dnaheritage.com/

http://www.duerinck.com/surname.html

http://www.relativegenetics.com

http://www.pnas.org/cgi/reprint/98/9/5078.pdf

http://www.clanlindsay.com/genetic_dna_glossary.htm

http://freepages.genealogy.rootsweb.com/~allpoms/genetics1b.html

http://www.bbc.co.uk/education/beyond/factsheets/surnames/surnames_home.shtml

 

Om een onderzoeksuitslag met die van anderen te vergelijken

zie deze Y-chromosoom databestand:

 

http://www.ybase.org/

 

en om mijn on-line Y-chromosoom te bekijken, hieronder klikken:

 

http://www.ybase.org/full.asp?RecordID=WGNVK

 

Thuispagina                              Inhoud Ned